Praktijkboeken
|
Jij màg niet lief zijn. |
![]() |
|
Moeder op afstand
|
![]() |
|
Gedachtegang. |
|
|
Gewoon omdat ik van jullie houd. |
|
| Jij begrijpt mij, he mam! Inge Ketelaar- Blokpoel/2009 www.jelmereninge.nl |
![]() |
|
Weleldkind, praten met je adoptiekind |
![]() |
|
Wachten op Zach. |
|
|
Chinese aarde, hoe Lente onze dochter werd. |
|
|
Ik ben eerlijk geweest, mam. |
|
|
Ouders op hun plek
|
![]() |
|
Harry's boek |
![]() |
| Leven-de verhalen! Over mensen en dieren die veel meemaken M. Wessels-Reijerse ISBN 9789031348480. Bohn en Stafflue/ 2009 |
![]() |
De kleine gids mensen met een licht verstandelijke beperking: moeilijke zaken, makkelijk uitgelegd. Y. de Beer ISBN 9789013077414/ Kluwer/2011 |
|
|
Sociaal emotionele ontwikkeling van leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke beperking. |
![]() |
| Geloven in de ontwikkelingskansen van elke leerling. M. van Gils ISBN 9789044124101/ Garant/ 2010 |
|
Buitengewoon: Het opvoedproces van een kind met een handicap. L. Steenbergh- Blokpoel ISBN 9789033483905/ Acco/2011 |
![]() |
| De adoptiedialoog Gespreksvoering voor adoptie- pleegouders met tieners. ISBN 978-90-6665-887-5/ SWP/ 2007 |
![]() |
Zie voor meer informatie: www.goedgehecht.nl/php/therapeutischeboeken.php
www.goedgehecht.nl/php/wetenschappelijkeboeken.php
www.goedgehecht.nl/php/hechting.php
www.goedgehecht.nl/php/samenwerken.php
Recensies
Harry's Boek
Lefert Benning
'Een autistische handicap is een gegeven; een gedragstoornis een gevolg’. Het duurde 25 jaar voordat men wist wat Harry heeft en hoe hij behandeld zou moeten worden. Jaren waarin Harry over- en onderschat werd. Jaren waarin Harry niet begrepen en ’overvraagd’ werd en jaren waarin Harry het ene trauma na het andere onderging. Na het lezen van het boek Harry, blijft het geschrevene nog lang in mijn hoofd doorspelen.
Het duurde even voordat ik aan het boek ben begonnen. Ondanks dat enkele mensen mij aanraadden het boek te lezen, deed ik dit, uit een vorm van zelfbescherming, niet meteen. Het is een boek dat beschrijft waar de zorg rond de mens met een handicap zo kan falen. Waar nog sprake is van zo weinig kennis over de dubbele handicap: de mens met een verstandelijke beperking en de mens met autisme. De ouders kijken bijna machteloos toe hoe hun zoon achteruit gaat. Opsluiting; meegevoerd worden aan een touw en vastgeboden worden, gingen horen tot ‘normale’ zaken van alledag. Ouders die zich ook schuldig voelden over de dingen die zij wel en niet gedaan hebben. Schuldgevoelens die mede veroorzaakt werden door de onbekendheid met wat er speelde. Het duurde lang voor er een diagnose werd gesteld. Wat een leven; wat een strijd.
In 2009 vinden dit soort situaties nog steeds plaats. Nog steeds worden mensen met en zonder beperking niet op de juiste wijze begeleid. Nog steeds worden geen goede diagnoses gesteld. Zijn deskundigen nog te weinig bekend met nieuwe vormen van handicaps. Moeten er nog onderzoeken worden gedaan.
Wanneer er wel diagnoses zijn gesteld, moet er begeleiding op komen. Ook dit kost tijd om hierin de juiste vorm te vinden. Tijd die het kind niet heeft. Hij ondergaat het ene trauma na het andere. Ervaart dat mensen in zijn omgeving zich van hem afkeren, hem afwijzen op wat zij zien: negatief gedrag. Zijn enige uitingsvorm. Hoe vaak wordt alleen gekeken naar het gedrag en daarmee aan de slag gegaan? Kan een vorm van gedrag betekenis hebben? Natuurlijk heeft gedrag een betekenis. Heijkoop deed hier ook al onderzoek naar en ontwikkelde een eigen methode: het leren kijken achter de mens.
Helaas wordt aan de kennis van de ouders nog te vaak voorbij gegaan. En wanneer ouders enige bemoeienis in de zorg voor hun kind willen, horen ze vaak: “U kunt uw kind niet loslaten; wij weten hoe het moet,” etc.
Wat in het boek zichtbaar wordt, is dat na jaren de ouders partners zijn. Niet de partner van de organisatie, maar de organisatie wil zich opstellen als partner van de ouders. Een mooi initiatief. Je ziet in dit boek dat de ouders soms zeer betrokken worden; en dan weer niet. Het wordt dan stil; ze krijgen geen uitnodigingen voor overleggen en als zij hierom vragen, blijkt dat het met hun kind weer slechter gaat. Het oude patroon van beheersbaar houden herhaalt zich. Wanneer de ouders onverwacht op bezoek komen, treffen zij hun kind naakt in een cel aan of vastgebonden.
De ouders lezen jaren later in oude stukken terug dat zij tevreden waren. Hoe kan men dat beoordelen in gesprekken van nog geen 10 minuten met voortdurend wisselende personen?
De ouders geven ook aan dat het soms lijkt dat men Harry beu is. Een trieste bevestiging in hun gevoelens wordt gegeven wanneer Harry verhuist en geen van de begeleiders meeverhuist en Harry opnieuw moet leren vertrouwen; zich weer moet aanpassen. Een bijna onmogelijke opgave.
Pas aan het eind van het boek weten de ouders een groep mensen om zich heen te verzamelen die bereid zijn te kijken naar wie hun zoon is en daarmee aan de slag gaan. Het zijn cadeautjes die je mag koesteren, maar in feite gewoon tot de taak hoort van mensen die werken in de zorg. Zij zijn immers in dienst van de mens met een beperking?
Zelf heb ik mij opnieuw verbaasd over hoe een team functioneert en onderling discussies voert over de wijze van begeleiding. Waardoor de cliënt de dupe van deze strijd is, omdat er niet eensluidend gewerkt kan worden.
Ook heb ik mij laten verrassen dat begeleiders zien dat behandelwijzen niet goed zijn, maar toch gewoon op de oude voet doorgaan. Wat is die macht binnen zorgcentra dat het maakt dat mensen zwijgen in plaats van op te staan? Waar zijn medewerkers zo bang voor, is de vraag die bij mij opkomt.
Het gaat immers niet over hen; zij gaan gewoon na afloop van hun dienst naar huis. Nee, het gaat om de cliënt; een cliënt waar zij de juiste zorg aan dienen te verlenen; een cliënt die vraagt en die vooral afhankelijk is van jou als begeleider. En dus niet een cliënt die beheerst wil worden door hem op te sluiten of aan een touw over het terrein te laten lopen. Dat wil niemand en toch blijft het gebeuren in de gehandicaptenzorg. Waarom?
Wat is er zo moeilijk om eens te leren zien wat er achter de mens met een handicap speelt; waarom hij doet zoals hij doet? Wat is er mis mee om ouders te zien als deskundigen en hen te betrekken in de zorg en gebruik te maken van hun kennis?
Een triestheid overviel mij toen ik het boek las. Een triestheid die niet alleen Harry betreft, maar ook zijn familie. Zien dat je je kind op deze wijze kwijtraakt. De reden? Ondeskundig handelen; onwetendheid; niet eensluidend werken en wat dies meer zij. Er moet nog zoveel gerealiseerd worden binnen de zorg.
Het boek heb ik gekregen. In de brief die erbij gevoegd stond, staat geschreven: Pas wanneer een begeleider zich werkelijk verdiept in wie de mens Harry is, komt er stukje bij beetje licht in het leven van Harry.
Licht in het leven van jouw cliënt?
'Mara van Hebert'
| Jij mag niet lief zijn. | |
| Hanne Rots |
In dit bondige boekje vertelt pleegmoeder Hanne het ontroerende verhaal over de opvang van een ernstig verwaarloosd meisje.
Als Melanie voor de derde keer een weekend bij Hanne komt, zegt ze ineens: “Jij mág niet lief zijn!”. Dat het kind geen liefde kon ontvangen, had een grote impact op het pleeggezin. Pleegmoeder Hanne beschrijft op beeldende en boeiende wijze de invloed die Melanie tot haar achttiende jaar op haar en haar gezin heeft.
Een verhaal over het wonen in een tehuis en het horen bij een pleeggezin, liefde en onmacht, veiligheid en onveiligheid en de schrijnende gevolgen van een verkeerde diagnose en te laat ingrijpen van hulpverlening.
Reacties:
-
Adoptie ouder: “Heel herkenbaar, ondanks dat onze situatie anders is.”
-
Studente orthopedagogiek: “Het roept veel vragen op. Van een case als deze kun je als student veel leren.”
-
Z-verpleegkundige: “Elke hulpverlener zou dit moeten lezen!”
-
Docent SPW: “Het wordt verplichte literatuur. De toon van het verhaal houdt hulpverleners aan het lezen.”
-
Journalist: “De meeste ervaringsverhalen bevatten veel details die je als lezer niet wilt weten en gaan ten onder aan hun eigen zwaarte, maar dit is mooi licht opgeschreven. Een adembenemend verhaal.”
| Gewoon omdat ik van jullie houd |
De -ik-persoon in dit opgetekende verhaal is moeder van vijf geadopteerde kinderen. Als blijkt dat drie kinderen een verstandelijke handicap hebben, begint een lange zoektocht naar het beste voor haar kinderen. Beroepskrachten, maar ook mensen uit de eigen vriendenkring, denken het vaak beter te weten. Opkomen voor je kinderen wordt zo een moeizame strijd. De -ikpersoon vertelt op indringende wijze over haar ervaringen. Over onbegrip en bureaucratie. Over vertwijfeling, eenzaamheid en hoop. Ondanks verschillende teleurstellingen weet zij, vasthoudend als zij is, veel voor haar kinderen te bereiken. Maar wel in het besef dat het nooit af is; dat er zomaar iets kan gebeuren waardoor je het gevoel krijgt weer helemaal van voren af aan te moeten beginnen. Dit verhaal is opgetekend uit de mond van een adoptiefouder, maar het lijdt geen twijfel: alle ouders van kinderen met een verstandelijke handicap vinden in dit boek herkenning, bemoediging en inspiratie'...Robert Quast, Philadelphia Support
..' Ik kreeg de kans om het boek terug te sturen, maar als orthopedagoog, werkzaam in een voorziening van meervoudig gehandicapten en als adoptievader was mijn nieuwsgierigheid en interesse te groot om het boek aan de kant te schuiven.....Het is een boek geschreven recht uit het hart van een moeder, zonder daarbij melig te gaan worden. ....Het boek biedt niet enkel een verhaal, maar biedt ook heel wat informatie. Zowel voor adoptie- en pleegouders als voor hulpverleners die geconfronteerd worden met de problematiek van hechtingsstoornissen, emotionele deprivatie in combinatie met beperkt verstandelijke vermogens.......Ook als professionele hulpverlener heb ik het boek met veel interesse gelezen en had het voordeel regelmatig te kunnen reflecteren op basis van een eerder gelezen boek 'Hou me niet vast' van Dirk Broos en Katrien van Dun...., Als ook met eigen ervaringen binnen mijn eigen werksetting. Want emotionele problemen zijn niet enkel kernmerkend bij adoptiekinderen en pleegkinderen, maar ook bij andere kinderen......Vooral de rol van de ouders bij de hulpverlening wordt goed in de verf gezet... De positieve toon haalt toch de bovenhand. Dit boek draagt alvast bij in de hoop tot een positieve evolutie wanneer ouders met dergelijke problematiek geconfronteerd worden. Dit boek is hiervan duidelijk een voorbeeld. Ook dit boek kan/moet door kandidaat adoptie ouders en pleegouders gelezen worden, niet om hen af te schrikken, maar om hen te wapenen tegen mogelijke tegenslagen en alvast een aantal goede raadgevingen te geven om het hoofd te bieden aan de vele problemen waarmee ze geconfronteerd kunnen worden......Dat men ondanks alle tegenslagen gelukkig kan zijn in het adoptie ouderschap bewijst de schrijfster . Het boek was voor haar misschien ook een stap in het verwerkingsproces van alle tegenslagen, maar toch ook het bewijs van haar grote liefde voor de kinderen'...Marc Sercu, VAG te België.
...'Een boek dat in de eerste plaats een toonbeeld is van onvoorwaardelijke liefde....Deze onvoorwaardelijke liefde is basaal....Ten tweede geeft het boek zeer indringend weer, op welke wijze het gevecht is aangegaan tegen de zgn. professionele organisaties om aandacht te vragen voor, en kennis over te dragen van de problematiek van deze kinderen'.....
| Ik ben eerlijk geweest, mam. |
Ik ben eerlijk geweest, mam !’ Josh blijft dit herhalen en wij geloven hem, omdat wij Josh goed kennen.
Adria’s oudste zoon Josh wordt door een medebewoonster van zijn groep beschuldigd van seksueel misbruik. Er wordt niet voldoende onderzoek ingesteld en de beschuldiging lijkt een feit. Josh’s ouders zijn de enigen die in de onschuld van hun zoon geloven.
In “Ik ben eerlijk geweest, mam” beschrijft de moeder van Josh wat Josh en haar gezin doorgemaakt hebben. Het lijkt een ongeloofwaardig verhaal. Josh’s ouders blijken niet in staat hun zoon te beschermen binnen de Zorginstelling waar hij woont en moeten aanzien hoe het steeds slechter met hem gaat en iedereen toekijkt en er niet ingegrepen wordt.Het verhaal is gebaseerd op een waar gebeurd verhaal.
De motivatie dat Adria met dit verhaal naar buiten is gekomen, is dat de door haar beschreven situatie helaas niet op zichzelf staat. Het boekje is geschreven met het doel dat u als hulpverlener mee kunt kijken hoe de kant van de ouder is. Met het uiteindelijke doel dat er in Nederland een ‘daderprotocol’ gerealiseerd wordt voor deze doelgroep vermeende plegers met een verstandelijke beperking bij zowel justitie als zorginstellingen.
In zowel 1999 als in 2001 zijn hiertoe wel aanbevelingen gedaan, die echter tot op heden nog niet gerealiseerd zijn. De Federatie van Ouderverenigingen ondersteunen dit initiatief.
Reacties:
- ‘Wij brengen dit verslag nadrukkelijk onder de aandacht van professionals binnen organisaties die hun diensten aanbieden aan mensen met een verstandelijke beperking’. Erik Bosch en Ellen Suykerbuyk
- ’ Intern heeft het boekje ertoe geleid dat wij ervoor gaan zorgen dat er een intern protocol voor vermeende / mogelijke daders zal worden ontwikkeld.
- ‘’Wetende uit ervaring hoe het verloop is, wordt je bladzijde voor bladzijde bevestigend op de feiten die je weet’.
- ’ Ik zal dergelijke casuïstiek voortaan met het boekje over Josh in mijn achterhoofd aan gaan’.
- ‘Ik hoop dat het boekje zijn werk doet en dat er een en ander in gang gezet wordt rondom seksualiteit en het gewoon met respect met elkaar om leren gaan, in wat voor situatie dan ook’.
| Wachten op Zach. |
Vader-moeder-zijn van een moeilijk kind.
‘Met de komst van Zach verdwijnt de gezelligheid uit huis.’ Een schokkende constatering van pleegvader Jaap Lodewijks, die samen met zijn vrouw een boek heeft geschreven over hun moeilijke pleegzoon Zach. Het boek Wachten op Zach dat eind 2004 verscheen is onderverdeeld in twee delen. Het eerste, kortste deel, beschrijft de zes jaar dat Zach in het gezin van Els Lodewijks-Frencken en Jaap Lodewijks woonde als pleegkind. Met zijn komst verdwijnt de gezelligheid uit huis. Zach blijkt een moeilijk kind te zijn, gedijt bij onrust en na zes jaar kan de pleegvader niet anders dan een brief sturen naar de pleegzorginstelling en het contract opzeggen. Er is een opzegtermijn van een maand, maar dat halen ze niet. De situatie escaleert eerder en pas nadat de pleegvader stelt dat Zach de volgende dag om zes uur op de stoep gezet zal worden, wordt er een plaats in een tehuis gevonden voor hem. De pleegouders hadden al veel eerder aangegeven dat het niet meer ging in het gezin, maar de hulpverleners stuurden de aanvraag voor een tehuisplaatsing steeds maar niet weg.
Eenmaal in het tehuis krijgen de pleegouders al gauw te horen dat Zach zeer ernstig beschadigd is en de hulpverleners vragen zich af hoe ze het zes jaar met hem in hun gezin hebben volgehouden. Een tijd van verschillende tehuizen breekt aan en de pleegouders zijn steeds de verhuizers.
In het tweede deel beschrijft Els Lodewijks-Frencken hoe het is om vader-moeder te zijn van een moeilijk kind. Zij maakt daarin onderscheid tussen problemen die ouders hebben met hun kinderen vanwege factoren die bij henzelf liggen en problemen die ontstaan omdat het kind een handicap, een psychiatrische stoornis, een chronische ziekte of gedragsstoornissen heeft. Hulpverleners zouden onderscheid moeten maken tussen deze twee groepen ouders in plaats van ze steeds weer op één hoop te gooien, stelt zij. Het hele boek door gaat het over de tweede groep ouders. Er wordt uiterst zorgvuldig, maar niet langdradig beschreven wat het met jou als ouder doet als je geconfronteerd wordt met een moeilijk kind. Veel facetten komen daarin aan de orde en zeer regelmatig citeert zij uit ego-documenten, romans, artikelen en gesprekken met andere ouders. Deze citaten zijn zo treffend dat ze kan afzien van veel verklarende tekst, waardoor het boek goed leesbaar is.
In het hoofdstuk Ouders en hulpverleners maakt zij heel duidelijk waarom ouders geen hulpverleners zijn en haar antwoord op de afhankelijkheid van ouders van hulpverleners is duidelijk: hulpverleners moeten professionele dienstbaarheid bezitten.
Deze pleegouders zijn Zach niet kwijtgeraakt en Zach is deze pleegouders niet kwijtgeraakt, die hij in zijn mobiel onder ‘ouders’ heeft gezet. Dat komt door de verbintenis die deze pleegouders aangegaan zijn met dit moeilijke kind. Zij zijn ingegaan op het appèl dat dit kind op hen deed en hebben de consequenties daarvan gedragen. ‘Verantwoordelijk zijn voor een moeilijk kind, betekent op alle niveaus: wachten en geduld. Het is het enige antwoord dat we kunnen hebben op zeer moeilijke situaties.’
Voor pleegouders die ook zover durven gaan met moeilijke kinderen is dit een boek vol herkenning. Alleen daarom is het al een aanrader.
Voor hulpverleners en studenten zou het verplichte literatuur moeten zijn. Wie weet helpt het ander begrip op te brengen voor de positie en gevoelens van pleegouders.
Piek Stor.(Uit Pleegcontact nr. 1, 2005.)
| Chinese aarde, hoe Lente onze dochter werd. |
Het mag duidelijk zijn dat Lente een in China geadopteerd meisje is, die als jong grietje in het Nederlandse gezin van Medema opgenomen werd. Van meet af aan, waren haar adoptiefouders zich bewust van de schade die het meisje had opgelopen doordat ze niet in de gelegenheid was gesteld basisvertrouwen op te doen in haar eerste levensmaanden. Met in hun achterhoofd een schat aan kennis over ‘gezond en ongezond’ gedrag en vooral ook kennis over hoe te handelen om basisvertrouwen alsnog te ontwikkelen, zijn ze aan hun avontuur begonnen. Ze schakelden ook professionele hulp in, Video Interactie Begeleiding. En ondanks al die kennis, verstandige keuzes en inspanningen was het bijna niet vol te houden om dit kleine meisje op de juiste wijze te begeleiden. Het is ze wel gelukt en ze hebben het aangedurfd een tweede kindje in hun gezin op te nemen.
Het boek heeft mij om geheel uiteenlopende redenen ontroerd en gesterkt. Iets wat ik wel kon gebruiken na alle negatieve ervaringen met de hulpverlening van de afgelopen tijd. Het zit ouders vaak al ingebakken, dat ze zichzelf als schuldigen aanwijzen als het met hun kind minder goed gaat. Als hulpverleners er dan nog een schepje bovenop doen, daarbij van harte gesteund door je eigen kind…………… Dat je kind dat doet, kan ik nog begrijpen en verklaren. Dat de hulpverlener het doet, nee dat deugt van geen kanten. Ze moeten eerst nog maar eens wat boeken lezen, te beginnen met deze.
(Uit nieuwsbrief OverSchatten)


.jpg)






